wat?
Het is uitdrukkelijk verboden over te gaan tot de begraving, vormneming, lijkschouwing, balseming, kisting of gelijk welke andere behandeling op het lichaam van de overledene, vooraleer de dood werd vastgesteld door de ambtenaar van de burgerlijke stand, in werkelijkheid de geneesheer die gedelegeerd werd om de overlijdens vast te stellen of de behandelende geneesheer.
De verplichting van de ambtenaar van de burgerlijke stand om het overlijden vast te stellen bestaat niet wanneer er tekens of aanwijzingen zijn van een gewelddadige dood of andere omstandigheden die zulks laten vermoeden. Het parket van de procureur des konings wordt dan ingeschakeld.
Hoe aangeven?
Termijn:
De wet voorziet geen termijn binnen dewelke de aangifte van overlijden moet gebeuren. Algemeen wordt aanvaard dat het zo snel mogelijk moet gebeuren
Door wie moet aangifte gebeuren?
De akte van overlijden wordt opgemaakt door de ambtenaar van de burgerlijke stand op aangifte van een bloedverwant of een ander persoon. In de praktijk gebeurt de aangifte meestal door de begrafenisondernemer die handelt in opdracht van de familie.
Welke documenten dienen bij aangifte voorgelegd te worden?
Een overlijdensverklaring ondertekend door de geneesheer die het overlijden heeft vastgesteld (model III C of model III D kindje jonger dan 1 jaar)
Identiteitskaart en trouwboekje van de overledene
Attest laatste wilsbeschikking (afgeleverd door de dienst bevolking van de laatste woonplaats)
De toelating tot begraven indien de begrafenis in een andere gemeente of stad plaats heeft
Voor crematie: een aanvraag tot lijkverbranding en een bijkomend medisch attest.
Indien het overlijden te wijten is aan een gewelddadige, verdachte of niet nader te bepalen oorzaak, moet De ambtenaar van de burgerlijke stand ingelicht worden over de omstandigheden van het overlijden. In dit geval zal hij pas na het akkoord van de procureur des konings toelating kunnen verlenen tot het vervoer en het begraven of cremeren van de overledene.
Begraving:
Niemand kan begraven worden zonder toelating van de ambtenaar burgerlijke stand. De begraving mag pas plaatsvinden ten vroegste 24 uur na het overlijden.
waar aangeven?
De aangifte van overlijden wordt gedaan bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de plaats van overlijden.
Opstellen van de overlijdensakte:
De bevoegde ambtenaar van de burgerlijke stand stelt de overlijdensakte op, op voorlegging van een aantal documenten en stuurt een afschrift naar de laatste woonplaats van de overledene.
Er kunnen dus zowel op de plaats van het overlijden als in de laatste woonplaats afschriften van de akte verkregen worden.